Logo Universiteit Utrecht

Natuurkunde Lessen Ontwerpen

8 Vakdidactisch ontwerpen

Praktijkboek

Het document hieronder geeft hoofdstuk 8 van het Praktijkboek natuurkundedidactiek: Natuurkunde lessen ontwerpen.

Bronnen

voor verdere studie

8.2   Leermiddelen ontwerpen

Literatuur – Het ontwerpen van lesactiviteiten, lessen en lessenseries kun je in je eentje doen, of met de sectie, of in een docentenontwikkelteam (DOT). Dat laatste is een team of leergemeenschap, nadrukkelijk bedoeld als leeromgeving van leraren die samenwerken aan een ontwerptaak onder leiding van een vakinhoudelijke expert van buiten de eigen school. De kernactiviteit van zo’n team is het ontwikkelen, aanpassen en/of testen en evalueren van curriculummaterialen voor de eigen schoolpraktijk. De publicaties hieronder geven een beeld van het werk van zo’n DOT.

Het testen en evalueren van ontworpen lesactiviteiten, lessen en lessenseries gaat in de richting van het doen van vakdidactisch onderzoek. Een beeld van dat soort onderzoek is te vinden in het Handboek natuurkundedidactiek.

  • Koos Kortland & Peter Dekkers (2017). Vakdidactisch onderzoeken. In Koos Kortland, Ad Mooldijk & Hans Poorthuis (Red.), Handboek natuurkundedidactiek (pp. 366-377). Amsterdam: Epsilon Uitgaven.

Hulpmiddelen – Op 7 oktober 2015 is het Leraren OntwikkelFonds (LOF) gelanceerd. Dit fonds biedt de mogelijkheid om een subsidie (voor tijd en materiaal) aan te vragen voor het verbeteren van je eigen onderwijs, zonder dat daarvoor direct toestemming nodig is van de directie of zonder dat zo’n verbetering van bovenaf wordt opgelegd. De afhandeling van de subsidies en de begeleiding van leraren is in handen van de Onderwijscoöperatie.

De voorwaarden van het LOF in het kort: het subsidiebedrag ligt tussen de € 4.000 en € 75.000, het project waarvoor subsidie wordt aangevraagd wordt (grotendeels) door leraren uitgevoerd, de aanvrager neemt na toekenning van de subsidie deel aan de activiteiten die in het kader van de regeling worden georganiseerd (zoals drie verplichte Lerarenlabs, voor onderlinge uitwisseling en stimulering) en is aangemeld bij het Lerarenregister.

 Bronvermelding – Paragraaf 8.2 uit het praktijkboek is voor een deel ontleend aan het Handboek natuurkundedidactiek.

  • Koos kortland & Hans Poorthuis (2017). Vakdidactisch ontwerpen. In Koos Kortland, Ad Mooldijk & Hans Poorthuis (Red.), Handboek natuurkundedidactiek (pp. 357-366). Amsterdam: Epsilon Uitgaven.

8.3   Concept-contextbenadering

Literatuur – De publicaties hieronder gaan in op het ‘leren in context’ in het natuurkundeonderwijs, zij het niet allemaal op het niveau van vmbo en onderbouw havo/vwo.

Op de website van Ecent/Elwier staat een verzameling artikelen over theoretische en praktische aspecten van concept-contextonderwijs.

  • Website Ecent/Elwier: www.ecent.nl > zoekwoord: concept-context

 Lesmaterialen – Voorbeelden van lesmaterialen rond ‘leren in context’ zijn die van het Project Leerpakketontwikkeling Natuurkunde (PLON), onder andere te vinden in de publicatie Werken met contexten in het natuurkundeonderwijs (Eijkelhof & Van der Veen, 1989). Op de website van Ecent/Elwier is het volledige PLON-materiaal beschikbaar.

  • Website Ecent/Elwier: PLON

Voorbeelden van Duitse en Engelse projecten zijn Physik im Kontext,  Salters Horners Advanced Physics en Advancing Physics. Het artikel hieronder geeft een impressie van de twee genoemde Engelse projecten.

Voorbeelden van lesmateriaal in de verschillende kwadranten van het concept-contextvenster staan in de publicaties Concept-contextvenster – Zicht op de wisselwerking tussen concepten en contexten in het bèta-onderwijs (Bruning & Michels, 2013) en Het implementeren van contexten in onderwijsmateriaal. Een ontwerp- en analyse-instrument voor de natuurwetenschappelijke vakken (Sanders et al, 2016). Een samenvatting van beide publicaties is te vinden op de website van Ecent/Elwier: Concept-contextvenster (Michels et al, 2017) en Het implementeren van contexten in onderwijsmateriaal (Sanders & Pieters, 2017).

De onderscheiden concept-contextbenaderingen zijn in de laatstgenoemde publicatie onder andere ook uitgewerkt tot vier lesmateriaalvoorbeelden die in een natuurkundemethode – in dit geval de fictieve methode ‘Natuurkunde in context’ voor de bovenbouw havo – zouden kunnen passen, met zoveel mogelijk een vergelijkbare vakinhoud, context en didactische werkvorm. De lesmateriaalvoorbeelden gaan hier en daar nogal ‘kort door de bocht’. De lees/leerteksten zijn (voor havo-leerlingen) mogelijk nog niet helder genoeg, het aantal opgaven per paragraaf is mogelijk aan de beperkte kant, er is (nog) geen aandacht voor leerlingdenkbeelden en een daarop toege­sneden begripsontwikkeling, er is (nog) geen sprake van het gebruik van computersimulaties en webfilms enzovoort. De lesmateriaalvoorbeelden moeten daarom gezien worden als niet meer dan een eerste aanzet, maar wel voldoende geschikt om een beeld te geven van de vier verschillende kwadranten in het concept-contextvenster. Het in het praktijkboek opgenomen lesmateriaal is ontleend aan dit voorbeeldmateriaal.

De vier genoemde lesmateriaalvoorbeelden voor natuurkunde zijn toegankelijk via links in de hierboven genoemde publicatie, en rechtstreeks via de links hieronder.

A     Energieomzettingen

B     Sport en beweging

C     Brandstofverbruik in het verkeer

D     Energie, arbeid en warmte

Hulpmiddelen – Om vast te stellen in hoeverre het (eigen) onderwijs wordt ervaren als contextrijk onderwijs richting kwadrant C van het concept-contextvenster kan gebruik worden gemaakt van een vragenlijst (De Putter-Smits, 2012), die het perspectief van de leraar op het (eigen) contextrijke onderwijs vergelijkt met dat van de leerlingen.

In de publicatie Het implementeren van contexten in onderwijsmateriaal. Een ontwerp- en analyse-instrument voor de natuurwetenschappelijke vakken (Sanders et al, 2016) is een instrument opgenomen waarmee voor bestaand lesmateriaal kan worden vastgesteld in welk kwadrant van het concept-contextvenster het valt. Het instrument is ook toegankelijk via de samenvatting op de website van Ecent/Elwier.

 Bronvermelding – Paragraaf 8.3 uit het praktijkboek is voor een deel ontleend aan het Handboek natuurkundedidactiek.

  • Lesley de Putter (2017). Leren in context. In Koos Kortland, Ad Mooldijk & Hans Poorthuis (Red.), Handboek natuurkundedidactiek (pp. 46-53). Amsterdam: Epsilon Uitgaven.

 8.4   Onderzoekend leren

Literatuur – De publicaties hieronder gaan in op onderzoekend leren, met name in het science onderwijs.

  • Ian Abrahams & Robin Millar (2008). Does practical work really work? A study of the effectiveness of practical work as a teaching and learning method in school science. International Journal of Science Education 30(14), 1945-1969.
  • Michèle Artigue, Justin Dillon, Wynne Harlen & Pierre Léna, P. (2012). Learning Through Inquiry. Fibonacci Pro­ject.
  • Ed van den Berg & Jaap Buning (1994). Practicum: leren ze er wat? NVOX 19(6), 245-249.
  • Wynne Harlen (2010). Taking Inquiry-based Science Education (IBSE) into Secondary Education. Report of the Inter Academy Panel (IAP) Conference, York, October 27-29, 2010.

Op de website van Ecent/Elwier staat een een verzameling artikelen over theoretische en praktische aspecten van onderzoekend leren.

  • Website Ecent/Elwier: www.ecent.nl > zoekwoord: onderzoeken

Lespraktijk – Het artikel hieronder gaat in op de ontwerpprincipes om de bètalessen met eenvoudige aanpassingen om te bouwen in de richting van ‘meer onderzoekend leren’.

Lesmaterialen – Het Europese PRIMAS-project heeft een cursus met zeven modules ontwikkeld die leraren helpt om verschillende vaardigheden te ontwikkelen die nodig zijn om onderzoekend leren tot een succes in de klas te maken. De cursus is integraal, inclusief filmpjes van voorbeeldlessen, toegankelijk op de website van het project.

Het Europese Mascil-project heeft opleidingsactiviteiten en voorbeeldlesmateriaal met activerende werkvormen ontwikkeld waarin onderzoekend leren wordt gekoppeld aan beroepscontexten. Het materiaal is toegankelijk op de website van het project.

Het virtuele laboratorium GO-LAB is te vinden op de website van dit Europese project.

Bronvermelding – Paragraaf 8.4 uit het praktijkboek is voor een deel ontleend aan het Handboek natuurkundedidactiek.

  • Henk Pol (2017). Onderzoekend leren. In Koos Kortland, Ad Mooldijk & Hans Poorthuis (Red.), Handboek natuurkundedidactiek (pp. 53-59). Amsterdam: Epsilon Uitgaven.

8.5   Probleemstellend leren

Literatuur – De publicaties hieronder geven een beeld van de ideeën achter probleemstellend leren.

Op de website van Ecent/Elwier staat een verzameling artikelen over ‘probleemstellend onderwijs’ met onder andere een samenvatting van probleemstellende lessenseries over radioactiviteit (vmbo en onderbouw havo/vwo), een eerste deeltjesmodel (bovenbouw havo/vwo) en besluitvorming over het afvalvraagstuk (vmbo en onderbouw havo/vwo). Van twee van deze lessenseries is een link naar het volledige lesmateriaal te vinden onder ‘Lesmaterialen’.

  • Website Ecent/Elwier: www.ecent.nl > zoekwoord: probleemstellend onderwijs

Lesmaterialen – De hieronder genoemde lesmaterialen zijn voorbeelden van probleemstellende lessenseries.

Bronvermelding – Paragraaf 8.5 uit het praktijkboek is voor een deel ontleend aan het Handboek natuurkundedidactiek.

  • Marjolein Vollebregt & Kees Klaassen (2017). Probleemstellend leren. In Koos Kortland, Ad Mooldijk & Hans Poorthuis (Red.), Handboek natuurkundedidactiek (pp. 60-66). Amsterdam: Epsilon Uitgaven.

8.6   Probleemgeoriënteerd leren

[XX]

Bronvermelding – Paragraaf 8.6 uit het praktijkboek is voor een deel ontleend aan het Handboek natuurkundedidactiek.

  • Marjolein Vollebregt & Kees Klaassen (2017). Probleemstellend leren. In Koos Kortland, Ad Mooldijk & Hans Poorthuis (Red.), Handboek natuurkundedidactiek (pp. 60-66). Amsterdam: Epsilon Uitgaven.

Opleidingsactiviteiten

Het eerste document hieronder geeft enkele suggesties voor opleidingsactiviteiten / opdrachten bij hoofdstuk 8 van het Praktijkboek natuurkundedidactiek.

  • Opleidingsactiviteiten